© Rootsville.eu

The Name Droppers (US)
tiltle: Let's Live Together
music: Blues
release date: june 12, 2026
promotion: Blind Raccoon (Betsy Brown)
info artist: The Name Droppers

© Rootsville 2026


The Name Droppers is een hecht kwartet van ervaren muzikanten uit New England die een lange en kronkelige muzikale weg hebben afgelegd om hun diverse talenten te vormen tot een energieke mix van blues, R&B, soul en ouderwetse rock-'n-roll.

De groep ontstond in de jaren 80 als Charlie Karp and the Name Droppers. De in Connecticut woonachtige Karp was een doorgewinterde gitarist, een productieve songwriter en een Emmy-winnende producer. Na Karps overlijden in 2019 bleven de overgebleven leden van The Name Droppers bij elkaar: songwriter/gitarist Rafe Klein, Ron Rifkin op piano, Bobby "T" Torello op drums en Scott Spray op bas. Torello en Spray voegden aan hun indrukwekkende cv's toe door samen te werken met artiesten als Johnny Winter, Edgar Winter, Michael Bolton, Grace Slick, Felix Cavalier and the Rascals – en vele anderen.

Nu hebben ze al dat talent en die ervaring gestoken in hun zesde album, Let's Live Together, een energieke sessie vol slim gecomponeerde originele nummers en creatieve covers, na het veelgeprezen Cool Blue Shoes van vorig jaar.

Het album begint met Kleins speelse "Grey Haired Blues", waarin ze beweert dat langer samenleven misschien wel kan helpen om grijze haren om te toveren tot nog steeds vurige blues. "Let's Live Together" volgt, het thematische middelpunt van het album. Het is een stevig, ritmisch anthem geschreven door Klein, wiens soulvolle zang op magische wijze samengaat met Crispin Cioe's zwevende saxofoon en de gospel-achtige achtergrondzang van Simone Brown.

Rifkin neemt de zang over in de meeslepende blues van “Heartbreak City”, een stad zonder medelijden voor verloren liefde. Vervolgens laat Brown haar soulvolle stem horen in een spetterende live-opname van Aretha Franklins klassieker “Chain Of Fools”. Klein keert terug met zijn doordachte interpretatie van Bob Dylans epische Gotta Serve Somebody, voortgestuwd door Rifkins meeslepende B3 en Browns heilige achtergrondzang. Klein geeft vervolgens een klaaglijke interpretatie van Frank Durazzo's "Don't Cry Over Me", een blik op het verbreken van een relatie vanuit beide perspectieven.

Klein haalt ook twee nummers uit de Charlie Karp-periode van de band weer naar voren: het wellustig sexy "Talk Dirty" en "Love Lightnin'", van Karp, Klein en Bruce Carter, waarin ze verlangen naar een tweede liefdesmoment op dezelfde plek. Torello's percussieve drumwerk en rauwe zang stuwen de bluesrock van zijn uitgeklede "Watch Pocket" voort, met een scherpe slidegitaar van Jay Willie, terwijl de tijd wegglipt voor zijn geliefde.

The Name Droppers sluiten het geheel af door een paar grote bluesnamen te laten vallen met een stevige versie van de Muddy Waters-Bo Diddley klassieker "Mannish Boy", aangevuld met een heldere, authentieke mondharmonicasolo van Richard Hunter.

The Name Droppers brengen een muzikale drive en vitaliteit in de nummers van Let's Live Together die het voor ons allemaal zoveel makkelijker maken om samen te leven in de blues.